Het boek ‘zindelijk maken is kinderspel’ van Debby Mendelsohn helpt ouders en verzorgers om kinderen te begeleiden bij het zindelijk worden. Er staan handige tips in om stap voor stap je kind zindelijk kan maken, wat zindelijkheid is en veel gestelde vragen met de antwoorden erbij.

Het boek is op een fijne en overzichtelijke manier ingedeeld. Na het lezen van de inleiding en achtergrondinformatie over zindelijkheid ben ik meteen nieuwsgierig naar het stappenplan en de tips daarvoor. In de inleiding en de achtergrondinformatie staat wie de schrijfster is, wanneer beginnen met zindelijk maken en welke leeftijd is het meest geschikt. Omdat ik op een groep 0-2 jaar werk, was ik vooral benieuwd op welke manier wij dit kunnen toepassen en vanaf welke leeftijd. Uit het boek komt naar voren dat je het beste vanaf 18 maanden kan beginnen, dus dit is ook voor mijn groep. In het stappenplan staat hoe je dit precies kunt doen.

Stappenplan:

Debby heeft een stappenplan met vijf stappen beschreven hoe je je kind zindelijk kan krijgen. Per stap staat duidelijk beschreven wat ermee wordt bedoeld en op welke manier je dit kan zien en/of kan gebruiken. Ook staan er verschillende manieren in van zindelijk worden, omdat alle kinderen op een andere manier zindelijk worden. De 1 vindt het potje zelf al reuze interessant en doet al snel een plas en de ander moet je daar meer in ondersteunen. Op een fijne manier staat beschreven hoe je dit kan doen. Tevens staan er tips in wat je het beste kunt doen bij een succes op het potje, als er een ongelukje is gebeurd en hoe je je kind ’s nachts zindelijk kan krijgen. Iedere stap is zeer uitgebreid toegelicht waar je snel mee aan de slag kan.

Vragen en antwoorden:

In deel 3 van het boek staan vragen en antwoorden. Er staan vragen in waar je tegen aan kunt lopen tijdens het zindelijk maken van je kind. Per vraag staat een uitgebreid antwoord met wat je ermee kan doen of op welke manier. Ook staan er bij de antwoorden voorbeelden vanuit haar thuissituatie of van vrienden van Debby, waardoor het voor veel ouders fijn te lezen is.

Zindelijkheid en het kinderdagverblijf:

Veel kinderen gaan tegenwoordig naar het kinderdagverblijf, waardoor zij een grotere rol spelen bij het zindelijk worden van je kind. Ook dit merk ik in de praktijk. De meeste ouders bij ons wachten tot de peutergroep, maar sommige komen als de kind rond de 1,5 jaar is, vragen over zindelijkheid. In het boek staan twee verschillende voorbeelden van kinderdagverblijven: actieve aanpak en volgzame aanpak. Wij werken op de peutergroep met een actieve aanpak, dit betekent dat alle kinderen bij de verschoonronden mee gaan op de wc of het potje. De kinderen die het spannend vinden of niet willen, hoeven natuurlijk nog niet, maar in principe gaan alle kinderen op de wc of het potje. Ouders weten dit ook en zijn hier positief over. Veel kinderen gaan thuis, net zoals op het kinderdagverblijf, op vaste tijden naar de wc of het potje. De volgzame aanpak hanteren wij op de baby-dreumesgroep, als ouders over de zindelijkheid beginnen van hun kind, dan volgen wij deze op.

De vaste tijden:

De vaste tijden die wij hanteren op het kinderdagverblijf zijn na de eetmomenten, voor- en na het slapengaan:

  • 10.00
  • 12.00
  • 14.00
  • 16.00
  • Na het fruit en de thee
  • Na de lunch en voor het slapen
  • Na het slapen
  • Na de yoghurt, water en koek

Tussendoor gaan de kinderen naar de wc als dit aangeven (door lichaamstaal of gesproken taal).

Conclusie:

Na het lezen van dit boek, ben ik er zeker van dat wij op de baby-dreumesgroep veel meer uit zindelijkheid van de kinderen kunnen halen. Aangezien ze bij ons tot ze twee jaar zijn zitten, is het verstandig om hier meer mee te doen. Samen met mijn collega’s en leidinggevende gaan we kijken hoe we dit binnen het kinderdagverblijf kunnen implementeren. Wel is het bij ons nu al zo, dat als ouders het aangeven dat wij de kinderen de wc/potje aanbieden. Tevens bespreken wij tijdens het 10-minuten gesprek met ouders de zindelijkheid van het kind en wat we daarmee doen en op welke manier.

Het boek ‘alle kinderen naar buiten’ staat boordevol tips en ideeën om de natuur te ontdekken. Tijdens het lezen heb je al meteen zin om de natuur in te gaan. Er staan mooie en duidelijk afbeeldingen in van dieren, activiteiten, zoekkaarten en bloemen. Per hoofdstuk staat er beschreven met een leuke tekst waar het hoofdstuk over gaat en wat je kan verwachten. Het is een overzichtelijk boek met ieder hoofdstuk een eigen kleur. Hou je zelf of je kinderen thuis, op school of het kinderdagverblijf van buitenspelen? Dan moet je dit boek absoluut hebben! 

 

Zodra ik het boek uit de verpakking haal, word ik door de titel al nieuwsgierig naar de inhoud. Welke grote activiteiten zouden erin staan? En is het toe te passen op het kinderdagverblijf?  De natuur is één grote speeltuin, die veel te weinig wordt gebruikt. Tijd om daar verandering in aan te brengen! 

De inhoudsopgave en zoekkaarten zijn erg duidelijk en overzichtelijk. Er staat duidelijk wat je kunt vinden per hoofdstuk en de zoekkaarten hebben een aparte inhoudsopgave. 

Het boek begint met waarom buitenspelen zo belangrijk is en hoe je goed kunt beginnen als onderzoeker buiten. Handige tips voor het bepalen van het noorden en voor de kleding die nodig is. Overal zijn regels, dus ook in de natuur. In het boek staan deze beschreven, zo kunnen mens en dier rustig hun gang gaan. 

Seizoenen:

In hoofdstuk 2 gaat het over wat je per seizoen in de natuur kan doen en beleven. Ik heb echt leuke, nieuwe ideeën opgedaan. Zoals het bouwen van verschillende hutten, tips om te spelen met modder (leuk voor modderdag!) en activiteiten voor in/met sneeuw. Deze activiteiten zijn ook goed haalbaar op een kinderdagverblijf. De andere zijn vanaf de basisschoolleeftijd. 

Ontdekken:

Het volgende hoofdstuk is ‘ontdekken’. Ontdekken kan op veel verschillende manieren, zoals, het water, het weer en de bodem. Dit hoofdstuk is echt mijn favoriet! Ik wist niet dat er zoveel interessante manieren waren om de natuur te ontdekken. Er staan heel veel doe-het-zelf tips in, zoals het maken van een schepnet, zoetwateraquarium en manieren op diertjes te kunnen vangen. Veel van de tips zijn toepasbaar om het kinderdagverblijf en dat maakt het hoofdstuk erg interessant. Tijdens het lezen kreeg ik al meteen zin om aan de slag te gaan!

Spelen:

Spelen, daar gaat het over in hoofdstuk 4. De natuur is een gratis speeltuin. Je kunt er fantastisch sporten en spelen. De meeste spelletjes zijn vanaf de basisschool het leukst, maar ook voor de peuters staan er spelletjes in. Bijvoorbeeld een bingo, memory en de familiespelletjes. Met kleine aanpassingen is het op het kinderdagverblijf ook zeker leuk om aan te bieden. Heb je geen tuin/bos tot je beschikking? Dan kun je zelf het materiaal bij elkaar zoeken en meenemen naar het kinderdagverblijf, zo is het alsnog uit te voeren. 

Knutselen:

Wat een gave knutsel tips staan er in hoofdstuk 5. Tips om bijvoorbeeld te knutselen met takjes, stenen of schelpen. Vooral de muziekinstrumenten spreken mij erg aan. Dit kun je samen met de kinderen knutselen en dan gezellig muziek maken. Krijg al helemaal zin om hiermee aan de slag te gaan. 

Eten uit de natuur:

Ik heb mij echt verbaasd wat je in Nederland allemaal kunt eten in en uit de natuur. In hoofdstuk 6 staat alles heel overzichtelijk beschreven wat je wel en niet kunt eten, met recepten erbij! Wist je dat er bijvoorbeeld bomen zijn waarvan je kunt drinken? En dat je verrassende recepten hebt om met paardenbloemen te maken? Erg leuk en leerzaam. 

Speuren:

Ga op ontdekking met je rugzak, verrekijker en notitieboekje in hoofdstuk 7. Speur naar vogels, dieren en planten en de sporen die ze achterlaten. Met de zoekkaart van de pootafdrukken en van de poep kun je precies zien van welk dier welke afdruk of poep is. Wat ook erg handig is, is dat er staat waar je welk dier van de Nederlandse big seven kunt vinden. Er staan verder ook interessante verhalen in over bijvoorbeeld insecten, vlinders, bijen en hommels. Alles is zo mooi en boeiend geschreven, dat je wilt blijven lezen over de dieren en je meteen om je heen kijkt of je al een dier uit het boek ziet. Automatisch ga je al speurzoeken in je eigen tuin. 

Handen uit de mouwen:

In hoofdstuk 8 gaan de handen uit de mouwen. Nestkasten timmeren, bessenstruiken planten en je eigen groente kweken. Je tovert de (school)tuin zo om in één groene oase. Een schoolplein hoeft niet duur te zijn, in het boek staan handige tips om het zo goedkoop mogelijk te laten. Ook is het schoolplein te gebruiken als klaslokaal. Ben je op zoek naar tips hiervoor? In het boek staan er meer dan genoeg! Wat dacht je van rekenen met stokjes en eikeltjes. De tips zijn goed te gebruiken vanaf de basisschool, maar zeker ook interessant voor de oudere peuters.  Wat ik ook zelf heel mooi vind, is de duidelijke uitleg voor het maken van huisjes en eten voor de dieren. 

Het is een heel handig boek om erbij te pakken als je meer met natuur wilt doen op het kinderdagverblijf of school. Met oudere kinderen kun je samen aan de slag gaan en bij de jongere kinderen heeft het eerst voorbereiding nodig voordat je aan de slag kunt gaan. De kinderen betrek je door de activiteiten echt bij de natuur. De natuur is écht één grote bron van leren en ontdekken. Het boek geeft mij nieuwe inzichten wat ik de kinderen kan leren in de natuur, op welke manier en dat het soms echt makkelijker is dan dat je denkt. Ik ga met veel plezier aan de slag met alle tips uit het boek! Wil je hem zelf ook hebben? Hij is te bestellen op https://www.jasperderuiter.com/product/boek-alle-kinderen-naar-buiten-het-grote-natuuractiviteitenboek-art-nr-340005/